Paniek in de Polder. Polytiek in tijden van populisme

Paniek in de Polder. Polytiek in tijden van populisme

Jos de Mul. Paniek in de Polder. Polytiek in tijden van populisme. Rotterdam: Lemniscaat, februari 2017. Uitgebreide en geactualiseerde editie…

More...
Plessner's Philosophical Anthropology. Perspectives and Prospects

Plessner's Philosophical Anthropology. Perspectives and Prospects

Jos de Mul. ( ed.), Plessner's Philosophical Anthropology. Perspectives and Prospects. Amsterdam/Chicago: Amsterdam University Press/Chicago University Press, 2014. Helmut Plessner (1892–1985)…

More...
2017-11-25 (Trouw) Hoe ik bijna boeddhist werd

2017-11-25 (Trouw) Hoe ik bijna boeddhist werd

Jos de Mul. Hoe ik bijna boeddhist werd. Trouw. Bijlage Letter en Geest, 25 november 2017, 14-18. Het gastenverblijf van…

More...
Destiny Domesticated. The Rebirth of Tragedy Out of the Spirit of Technology

Destiny Domesticated. The Rebirth of Tragedy Out of the Spirit of Technology

Jos de Mul. Destiny Domesticated. The Rebirth of Tragedy Out of the Spirit of Technology. State University of New York (SUNY)…

More...
Horizons of Hermeneutics

Horizons of Hermeneutics

Jos de Mul. Horizons of Hermeneutics: Intercultural Hermeneutics in a Globalizing World.  Frontiers of Philosophy in China. Vol. 6, No.…

More...

Select & combine items

Jos de Mul. Homo ludens 2.0. Lezing ter gelegenheid van de opening van de tentoonstelling Ik speel dus ik ben. Kinetische kunst. Rijksmuseum Twente. 9 julie 2017.

 

9 juli t/m 22 oktober 2017 - Ik speel, dus ik ben. Kinetische installaties van Eibert Draisma, Zoro Feigl, Martens & Visser, David Scheidler, Bert Schoeren, Peter Zegveld en Christiaan Zwanikken.

Spookje

Aan de muur hangt een slap, wit doekje. Maar met één druk op een rode knop begint het doekje te dansen op een opstekende wind. Voor onze ogen verandert het doekje in een spookje. Heel even worden we bevangen door een magische manier van denken, een vermogen dat we op onze weg naar de volwassenheid zijn kwijtgeraakt. Het mag een kinderlijk vermogen zijn, maar het herbergt een grote, creatieve kracht die niet wordt beperkt door de grenzen van de ratio.

Kunstenaar Peter Zegveld, de maker van Spookje, speelt een spel met ons vermogen tot verbeelden. Maar niet alleen het kunstwerk zelf is een spel, het proces van maken is dat evenzeer. Zijn werken ontstaan door te experimenteren, ontleden, mislukken en weer doorgaan. Deze mentaliteit, waarbij een speelse experimenteerdrift de bron is van het kunstwerk, vormt het uitgangspunt van de tentoonstelling Ik speel, dus ik ben. Alle zeven deelnemende kunstenaars werken op een speelse en onderzoekende manier. Vrijheid is daarbij een voorwaarde. Niet een van te voren bepaald idee is leidend, maar de mogelijkheden die zich in het proces voordoen. Het draait niet om het zoeken, maar om het vinden: het vinden van nieuwe beelden en nieuwe ervaringen. Maar ook het vinden van onverwachte schoonheid in het alledaagse.

Homo ludens

Het spel als bron van ontwikkeling werd eind 18de eeuw al onderkend door de Duitse dichter en filosoof Friedrich Schiller. Hij schreef: ‘de mens is alleen helemaal mens wanneer hij speelt.’ Voor Schiller was het aangewezen speelterrein de esthetische wereld, de wereld van de kunst. Via rituelen, taboes en symboliseringen creëert de mens een symbolisch universum dat verlichting biedt, aldus Schiller. Het spel van de kunst – het uitdrukking geven aan de verbeelding – maakt de mens tot mens.

Ook voor de Nederlandse historicus Johan Huizinga is de mens een homo ludens, ofwel een spelende mens. Hij zag het spel nog explicieter als bron voor ontwikkeling. Alles wat wij cultuur noemen komt volgens Huizinga voort uit spel. Maar het spel moet dan wel een vrije handeling zijn, waar geen direct nut of materieel belang aan verbonden is, zo lezen we in zijn beroemde boek Homo Ludens. Huizinga schreef dit werk in 1938, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Het kan worden beschouwd als een pleidooi voor de vrijheid, want alleen in vrijheid kan het spel zich ontplooien en cultuur zich ontwikkelen.


Deelnemende kunstenaars

De deelnemende kunstenaars delen niet alleen een mentaliteit. Ze hebben ook gemeen dat hun experimenteerdrift resulteert in bewegende en vaak ook interactieve installaties en beelden. In de tentoonstelling zijn werken te zien van Eibert Draisma, Zoro Feigl, Martens & Visser, David Scheidler, Bert Schoeren, Peter Zegveld en Christiaan Zwanikken. 

 

Jos de Mul. De robots komen! Zegen of vloek? Kenniscafé Emmen, 11 oktober 2017.

Dat robots een steeds grotere rol in onze samenleving zullen gaan spelen, daaraan wordt door slechts weinigen getwijfeld. Over de vraag of we die ontwikkeling met angst of vertrouwen tegemoet moeten zien, verschillen de meningen echter sterk. In de Westerse wereld lijkt het pessimisme te overheersen. Veel mensen zijn bang hun baan te verliezen aan robots. Wetenschappers en ondernemers als Stephen Hawking en Elon Musk waarschuwen dat superieure intelligenties ons wel eens zouden kunnen gaan overvleugelen. En in veel science fiction films lijken robots er vooral op uit te zijn de mensheid te vernietigen. Hoe anders is de houding ten opzichte van Robots in Japan. Daar worden ze meestal gepresenteerd als helpers van de mensheid en worden robots met enthousiasme omarmd als elektronisch ‘huisdier’, hotelreceptioniste of bejaardenverzorger.

Jos de Mul, die in 2016 drie maanden als gasthoogleraar in Japan verbleef en daar diverse robotlaboratoria bezocht, zal ingaan op de levensbeschouwelijke achtergronden van deze zo verschillende waardering van robots en zal uitleggen wat wij mogelijk van de ‘Zen van het robotonderhoud’  kunnen leren. Verslag van de lezing.

Jos de Mul. Vertrouwen in de digitale overheid. Workshop tijdens  Beleidsparade010. Rotterdam: Maashaven Zuidzijde 1-2, Donderdag 26 oktober, 2017, 14:00-15:00, en 15:30-6:30 uur.

In zijn Visiebrief digitale overheid 2017 van 23 mei 2013 heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aangegeven dat de burger in 2017 al zijn zaken met de overheid via internet moet kunnen regelen. Uit het in december 2013 gepubliceerde onderzoeksrapport De burger gaat digitaal stelt de Nationale ombudsman dat een meerderheid van de burgers in ons land dat streven ondersteunt. Dat is niet zo gek, aangezien zij in hun rol als consument reeds massaal zijn overgestapt op online winkelen, het via het internet regelen van bankzaken, het doen van boekingen van vakantiereizen etc. Digitale dienstverlening door de overheid is om dezelfde redenen aantrekkelijk: zij is 24 uur per dag beschikbaar, belooft een forse tijdsbesparing op te leveren en de zaken kunnen bovendien comfortabel vanuit de huiskamer worden geregeld.

De enquête die de Nationale ombudsman in samenwerking met het AVROTROS consumentenprogramma Radar uitzette, en waarop door ruim 48.000 burgers werd gereageerd, leert evenwel dat de burger in weerwil van deze positieve grondhouding opvallend weinig vertrouwen heeft in de deugdelijkheid van de digitale dienstverlening van de overheid. Bijna de helft heeft geen fiducie in de veiligheid van de ICT-systemen van de overheid, ruim een derde heeft geen vertrouwen in de manier waarop de overheid met de gegevens omgaat en bijna een vijfde van de respondenten geeft aan wel eens met verkeerde gegevens in overheidssystemen te hebben gestaan. Op een schaal van tien scoort geen enkele overheidsinstantie op het vlak van de digitale dienstverlening hoger dan een mager zeventje (de RDW doet het nog het best met een 6,9), terwijl bijna een kwart een onvoldoende krijgt (waarbij de UWV met een 4,8 het slechtste rapportcijfer krijgt). Deze lage waardering brengt de Nationale ombudsman ertoe de overheid op te roepen gerichte actie te ondernemen om het vertrouwen in de digitale overheid te versterken.

Dat is natuurlijk gemakkelijker gezegd dan gedaan. In de worksop beoog ik een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van een meer betrouwbare digitale overheid door de op het eerste gezicht paradoxale tegenstelling tussen enerzijds de bereidheid van de burger ‘digitaal te gaan’ en anderzijds diens gebrek aan vertrouwen in de digitale dienstverlening van de overheid aan een nadere analyse te onderwerpen. Ik zal betogen dat deze paradox samenhangt met het sterk gemedieerde karakter dat het vertrouwen in de informatiesamenleving heeft gekregen. Waar in de traditionele gemeenschap vertrouwen vooraleerst een interpersoonlijk karakter bezat en in de moderne staat de gestalte aannam van een meer afstandelijk systeemvertrouwen, daar wordt het vertrouwen in de informatiesamenleving in toenemende mate gemedieerd door voor de burger onzichtbaar functionerende informatietechnologieën, waarvan de effecten het vertrouwen in de digitale overheid van binnenuit dreigen uit te hollen.

Adriaan van Dis en Jos de Mul. Het leven wordt pas leuk met een robot. Zwolle: de Stadkamer, 26 november 2017.

Meer en meer publicaties verschijnen in kranten, vaktijdschriften en vanuit onderzoeksinstituten als WRR en SER, over de komst van de robot. Alsof het nieuw is. De robot is al lang onder ons in de vorm van slimme thermostaat, smart phone, handige techniek die voor ons tilt, en in elkaar zet. Ook zijn we er inmiddels aan gewend dat we allerlei advertenties op onze p.c. voorgeschoteld krijgen als we naar kleding hebben gezocht op internet. Allemaal vormen van robotisering, digitalisering, smart devices  en artificiële intelligentie. Apparatuur die het leven van ons makkelijker maakt, ons helpt, ons ten dienste staat, die wij kunnen gebruiken en kunnen benutten.

Maar nu is er robot die ‘denkt’, de robot die op ons lijkt in aantocht met schier onmogelijk veel mogelijkheden. De mens-geworden robot die veel kan en naar verwachting tot nog veel meer in staat is. Een robot die op ons lijkt, waarbij we ons haasten te zeggen, maar geen mens ís. In Europa is er weerstand tegen de mens-geworden robot; in Aziatische landen en dan met name Japan niet.

Jos de Mul. 2017-08-28 Biology beyond genes. Psychiatry in the age of postgenomics. Invited lecture at the series Herman van Praag Lectures 2017. Utrecht:  Universitair Medisch Centrum Utrecht. Maandag 28 augustus 2018.

Short bi(bli)ography Jos de Mul

Jos de Mul (This email address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it.www.demul.nl/en) is full professor Philosophical Anthropology  at the Faculty of Philosophy, Erasmus University Rotterdam. He has also taught at universities in the US, China, and Japan.  His research is on the interface of philosophical anthropology, philosophy of biology, philosophy of technology, aesthetics, and history of 19th and 20th century German philosophy.

His book monographs include: Romantic Desire in (Post)Modern Art and Philosophy (State University of New York Press, 1999), The Tragedy of Finitude. Dilthey's Hermeneutics of Life (Yale UP, 2004, 2010), Cyberspace Odyssey. Towards a Virtual Ontology and Anthropology (Cambridge Scholars Publishing, 2010), and Destiny Domesticated. The Rebirth of Tragedy out of the Spirit of Technology (State University of New York Press, 2014). Among his edited books are Plessner's Philosophical Anthropology. Perspectives and Prospects (Amsterdam: Amsterdam University Press, 2014) and  Playful identities. The Ludification of Digital Media Cultures (Amsterdam: Amsterdam University Press, 2015).

The focus of his last NWO-project (2012-2016), in which he collaborated, among others, with molecular biologist Frank Grosveld (Erasmus MC) and physiologist Denis Noble (Oxford University), was on the impact of the postgenomic turn in biology for human self-understanding. In 2015 he wrote a lengthy introduction and commentary for the Dutch translation of Denis Noble’s book The Music of Life. Biology Beyond Genes (Oxford UP, 2006 / Amsterdam UP, 2015).

Herman van Praag Lectures 2017. 

23 January 2017 - Nikolaos Koutsouleris
Ludwig-Maximilians-University of Munich – Germany

20 February 2017 - Terry Jernigan
Center for Human Developments, San Diego – US

13 March 2017- Akira Sawa
Johns Hopkins Schizophrenia Center, Baltimore – US

27 March 2017 – Machteld Huber
Institute for Positive Health – The Netherlands

10 April 2017 - Merete Nordentoft
University Copenhagen – Denmark

8 May 2017 - Kerstin Konrad
RWTH Aachen University – Germany

26 June 2017 - Jonathan Flint
UCLA, Los Angeles – US

28 August 2017 - Jos de Mul
Erasmus University, Rotterdam - The Netherlands

25 September 2017 - Viktor Mayer-Schönberger
University of Oxford – UK

23 October 2017 - David Glahn
Yale School of Medicine, New Haven – US

27 November 2017 - Dorothy Bishop
University of Oxford – UK

Jos de Mul. “Leben erfaßt hier Leben”.  Dilthey as a philosopher of (the) life (sciences). Invited lecture in the series Die Frage nach dem Menschen und seinem Selbstverständnis in den Wissenschaften. Graduate School for the Humanities. Universität Köln. June 27, 2017.
Jos de Mul. Database Identity. Invited lecture at the Herrenhausen conference Society through the Lens of the Digital. Hannover, May 31-June 2, 2017.

New information and communication technologies are changing the very nature of human identity. In my talk, I will argue that they facilitate a change from narrative to a database identity. Narrative identity is what has traditionally defined people. A narrative identity can be complex, multilayered and dynamic, but it is strung out over a spatio-temporal continuum and has a certain logic and coherence through time. It forms a tissue of stories that makes a person, defining who she is. This narrative identity is being giving way, increasingly, to a database identity. With a database identity a person’s experience, qualities and characteristics all become entries in a database. These can be called up, assembled and re-assembled in never-ending set of combinations. Database identity is a post-modernization of identity. It is a playful pastiche of qualities and characteristics, decoupled from their context of origin and from their role in a person’s history.

Jos de Mul. Deelname discussieavond Voorbij autonomie. Amsterdam: KNAW/Academie van de kunsten, 4 februari 2017.

Welke invloed heeft de huidige samenleving op de autonomie in de kunst. Behoort autonomie definitief tot het verleden, of blijft zij van belang? En, zo ja, hoe ziet autonomie er tegenwoordig uit en waaraan ontleent zij haar relevantie?

Samen met Sander van Maas, onderzoeker muziekwetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam, onderzoekt Micha Hamel deze vragen om inzicht te krijgen in praktijken en concepten van autonomie in de context van de huidige, op heteronome waarden‐ en betekenisproductie gerichte samenleving. Zij willen weten welke status het begrip 'autonomie' in de kunst (nog) heeft, en of het van waarde kan blijven voor het denken over, en het uitleggen van kunst, alsmede voor beleidsontwikkeling in de cultuursector. 

Het onderzoek beoogt het debat over de positie van de kunsten in de samenleving te verrijken met nieuwe concepten en modellen die het mogelijk maken om recht te blijven doen aan de complexiteit van de kunst als post-autonoom proces van betekenis- en waardeproductie.

Jos de Mul. Visies op digitaal vertellen. Slotbeschouwing op het symposium Visies op digitaal vertellen. Nederlands letterenfonds/Dutch Foudation for Literature & Stichting Lezen. Amsterdam, 22 maart 2017.

Jos de Mul. Menselijke natuur na het neodarwinisme. Lezing voor de afdeling Interne geneeskunde. Erasmus Medisch Centrum, 25 januari 2017.

 

Jos de Mul. Over de robotisering van de samenleving en het mensbeeld. Molenhoek, 31 januari 2017.
 Jos de Mul. Creatieve databases? Symposium Ontketen iets nieuws. Amsterdam, 21 januari 2017.

Met de ontwikkeling van nieuwe technologieën ontketenen we bovendien de creatieve kracht van de technieken zelf. In de huidige informatiesamenleving, waarin de computer het belangrijkste instrument is geworden, wordt alles getransformeerd tot een database, waarvan we de elementen eindeloos opnieuw combineren. Of het nu gaat om de genen in ons lichaam, de organisaties waarin we werken of de muziek waarnaar we luisteren, de databaserevolutie raakt zowat alles. Maar wat betekent dat voor de menselijke creativiteit? Wijsgerig antropoloog en filosoof Jos de Mul gaat in op de implicaties van deze databaserevolutie voor ons begrip van de wereld en van onszelf, en voor de aard van de menselijke creativiteit.