Breng mij die horizon! Filosofische reisverhalen

Breng mij die horizon! Filosofische reisverhalen

Jos de Mul. Breng me die horizon! Filosofische reisverhalen. Amsterdam: Boom, 2019.  Breng mij die horizon! laat zien wat er gebeurt…

More...
De domesticatie van het noodlot. De wedergeboorte van de tragedie uit de geest van de technologie

De domesticatie van het noodlot. De wedergeboorte van de tragedie uit de geest van de technologie

Jos de Mul. De domesticatie van het noodlot. De wedergeboorte van de tragedie uit de geest van de technologie. Rotterdam: Lemniscaat,…

More...
Destiny Domesticated. The Rebirth of Tragedy Out of the Spirit of Technology

Destiny Domesticated. The Rebirth of Tragedy Out of the Spirit of Technology

Jos de Mul. Destiny Domesticated. The Rebirth of Tragedy Out of the Spirit of Technology. State University of New York (SUNY)…

More...
命运的驯化——悲剧重生于技术精神 内容简介 (Chinese translation of Destiny Domesticated\)

命运的驯化——悲剧重生于技术精神 内容简介 (Chinese translation of Destiny Domesticated\)

Jos de Mul. 命运的驯化——悲剧重生于技术精神 内容简介 (Chinese translation of Destiny Domesticated. The Rebirth of Tragedy Out of the Spirit of Technology). Guilin:…

More...
Romantic Desire in (Post)Modern Art and Philosophy

Romantic Desire in (Post)Modern Art and Philosophy

Jos de Mul. Romantic Desire in (Post)Modern Art and Philosophy. Albany: State University of New York Press, 1999, 316 p.…

More...
Het romantische verlangen in (post)moderne kunst en filosofie

Het romantische verlangen in (post)moderne kunst en filosofie

Jos de Mul. Het romantische verlangen in (post)moderne kunst en filosofie. Uitgeverij Klement, 2007 (4de druk), 284 p. 1de druk, 1990; 2de druk, 1991; 3de…

More...
后)现代艺术与哲学中的浪漫之欲。Chinese translation of Romantic Desire in (Post)Modern Art and Philosophy

后)现代艺术与哲学中的浪漫之欲。Chinese translation of Romantic Desire in (Post)Modern Art and Philosophy

Jos de Mul. 后)现代艺术与哲学中的浪漫之欲。Chinese translation of Romantic Desire in (Post)Modern Art and Philosophy. Wuhan: Wuhan University Press, 2010, 306p. ISBN 978-7-307-08019-5RMB…

More...
Cyberspace Odyssee

Cyberspace Odyssee

Jos de Mul. Cyberspace Odyssee. Kampen: Klement, 6de druk: 2010, 352 p. 1de druk, 2002; 2de druk, 2003; 3de druk,2004;…

More...
Cyberspace Odyssey. Towards a Virtual Ontology and Anthropology

Cyberspace Odyssey. Towards a Virtual Ontology and Anthropology

Jos de Mul. Cyberspace Odyssey. Towards a Virtual Ontology and Anthropology. Castle upon Tyne: Cambridge Scholars Publishing, 2010, 334 p. Translation of Cyberspace…

More...
Siberuzayda macera dolu bir yolculuk. Sanal bir ontoloji ve antropolojiye doğru

Siberuzayda macera dolu bir yolculuk. Sanal bir ontoloji ve antropolojiye doğru

Jos de Mul. Siberuzayda macera dolu bir yolculuk. Sanal bir ontoloji ve antropolojiye doğru. Istanbul: Kitap Yayinevi, 2008, 400 p. Turkish…

More...
The sovereign debt crisis or Sophie’s choice. On European tragedies, guilt and responsibility

The sovereign debt crisis or Sophie’s choice. On European tragedies, guilt and responsibility

Liesbeth Noordegraaf-Eelens and Jos de Mul, The sovereign debt crisis or Sophie’s choice. On European tragedies, guilt and responsibility. Heinrich…

More...
Horizons of Hermeneutics

Horizons of Hermeneutics

Jos de Mul. Horizons of Hermeneutics: Intercultural Hermeneutics in a Globalizing World.  Frontiers of Philosophy in China. Vol. 6, No.…

More...
The game of life

The game of life

Jos de Mul. The Game of Life: Narrative and Ludic Identity Formation in Computer Games.  In: Lori Way (ed.), Representations of…

More...
The Tragedy of Finitude. Dilthey's Hermeneutics of Life

The Tragedy of Finitude. Dilthey's Hermeneutics of Life

Jos de Mul. The Tragedy of Finitude. Dilthey's Hermeneutics of Life. New Haven: Yale University Press, 2010 (second edition - eBook), 424…

More...
Plessner's Philosophical Anthropology. Perspectives and Prospects

Plessner's Philosophical Anthropology. Perspectives and Prospects

Jos de Mul. ( ed.), Plessner's Philosophical Anthropology. Perspectives and Prospects. Amsterdam/Chicago: Amsterdam University Press/Chicago University Press, 2014. Helmut Plessner (1892–1985)…

More...
Outside of a dog, a book is man's best friend. Inside of a dog it's too dark to read.

Outside of a dog, a book is man's best friend. Inside of a dog it's too dark to read.

Marxism according to Groucho     "Outside of a dog, a book is man's best friend. Inside of a dog…

More...
Noble versus Dawkins. DNA Is not the program of the concert of life.

Noble versus Dawkins. DNA Is not the program of the concert of life.

Jos de Mul. Noble versus Dawkins. DNA Is not the program of the concert of life. Translation of Dutch review, published…

More...
The game of life. Narrative and ludic identity formation in computer games

The game of life. Narrative and ludic identity formation in computer games

Jos de Mul. The game of life. Narrative and ludic identity formation in computer games. In: J. Goldstein and J. Raessens,Handbook…

More...
序言 约斯·德·穆尔 In: Zha Changping. World Relational Aesthetics. A History of Ideas in Pioneering Contemporary Chinese Art

序言 约斯·德·穆尔 In: Zha Changping. World Relational Aesthetics. A History of Ideas in Pioneering Contemporary Chinese Art

序言 约斯·德·穆尔. In: Zha Changping. World Relational Aesthetics. A History of Ideas in Pioneering Contemporary Chinese Art. Volume One. Shanghai:…

More...
The Work of Art in the Age of Digital Recombination

The Work of Art in the Age of Digital Recombination

Jos de Mul. The work of art in the age of digital recombination. In J. Raessens, M. Schäfer, M. v. d.…

More...

Search this website:

Wireless Imagination

Jos de Mul. Wireless Imagination. In: H. Holtappels en E. Maliankay (red.), Lost Bounderies. Segregation and Integration of Art in a Decentralized World, CD-ROM Stroom hcbk/Creative Disk, Den Haag 1995, 12 p.

 

De domesticatie van het noodlot

Jos de Mul. De domesticatie van het noodlot, in: P. van Tongeren (red.), Het lot in eigen hand, Baarn: Gooi en Sticht, 34-57.

Draadloze verbeelding. Een virtuele blik in de toekomst van de beeldende kunsten

Jos de Mul. Draadloze verbeelding. Een virtuele blik in de toekomst van de beeldende kunsten, in: A.C. Zijderveld (red.), Kleine geschiedenis van de toekomst. 100 thesen over de westerse samenleving op weg naar de eenentwintigste eeuw,Kampen: Kok Agora, 1994, 44-51.

Gadamers filosofische hermeneutiek

Jos de Mul. Gadamers filosofische hermeneutiek. In: S.G. Steenstra (red.). Het ware, het goede en het schoneEen inleiding in de filosofie, Heerlen: Open Universiteit, 1994, 139-199.

Landschaft in Sicht / Visies op het landschap

Jos de Mul. Landschaft in Sicht / Visies op het landschap. In: F.-A. Hettig en Th. Meyers zu Slochteren (red.), Verwantschaften Düsseldorf/RotterdamCatalogus expositie Kunsthal Rotterdam 8.4-16.5 1993, Rotterdam 1993, 12-35.

Mark Manders in conversation with Jos de Mul

Jos de Mul. Mark Manders in conversation with Jos de Mul. In: J. Brand, C. de Muynck, Valerie Smith (ed), Sonsbeek '93, Arnhem 1993, 281-292.

Landschaft in Sicht / Visies op het landschap

Jos de Mul. Landschaft in Sicht / Visies op het landschap. In: F.-A. Hettig en Th. Meyers zu Slochteren (red.), Verwantschaften Düsseldorf/RotterdamCatalogus expositie Kunsthal Rotterdam 8.4-16.5 1993, Rotterdam 1993, 12-35.

Ecologische crisis en esthetische ervaring

Jos de Mul. Ecologische crisis en esthetische ervaring. In: K. Boersma, G. Dinsbach en B. Oostra (red.), Beeld van de natuur - natuur van het beeld. De relatie van de beeldende vakken met natuur- en milieu-educatie, Enschede: Instituut voor Leeplanontwikkeling, 1993, 7-16.

Schelling en het onvoltooide project van de Romantiek

Jos de Mul. Schelling en het onvoltooide project van de Romantiek. In: H.A.F. Oosterling en A.W. Prins (red.), Filosofie en kunst 1. Van Plato tot Nietzsche: acht inleidingen in de estheticaRotterdamse filosofische Studies, Rotterdam 1992, 67-81.

Tussen kunst en wetenschap. Dilthey en de historische biografie

Jos de Mul. Tussen kunst en wetenschap. Dilthey en de historische biografie. In: B. Toussaint en P. van der Velde (red.), De historische biografie, Kampen: Kok Agora, 1992, 33-49.

Philosophy

Jos de Mul, J. van Nispen, A.W. Prins, J. Sperna Weiland en D. Tiemersma.Philosophy. In: B.R. Clark en G.R. Neave (eds.), The Encyclopedia of Higher Education, Volume IV, Oxford (Pergamon Press) 1992, 2039-2048.

Beelden van de eindigheid

Peter van Houten, Jos de Mul, Geer Pouls en Joseph Semah. Beelden van de eindigheid. In: T. Verbeeten, L. Holleman, G. Verschoor, F.E. van der Weide, J. van Doorn (red.), Denken en beelden, Arnhem 1992, 93-108.

De filosofische zin van film. Reflecties rondom Godards Je vous salue Marie

Jos de Mul. De filosofische zin van film. Reflecties rondom Godards Je vous salue Marie. In: S. de Bleeckere (red.), Zin in Beeld. Identiteit en zingeving in hedendaagse films, Baarn: Gooi en Sticht, 1992, 33-54.

Dichter na de dood van God. Over de autonome poëzie van Gerrit Kouwenaar

Jos de Mul, Dichter na de dood van God. In: Wiel Kusters (red.) ‘In een bezield verband’. Nederlandse dichters op zoek naar zin. Baarn: Gooi en Sticht, 1991, 264-286.[1]

     ik zeg dus niet meer dan dan
wat ik zeg, dat
wat ik niet zeg inbegrepen

Gerrit Kouwenaar

In de poëzie van Gerrit Kou­we­naar laten zich twee thema’s onderscheiden die, ofschoon ze op het eerste gezicht niet veel met elkaar te maken lijken te hebben, bij nadere beschouwing ten nauwste zijn verbonden. Het eerste, vaak genoemde thema betreft het auto­no­me karak­ter van Kou­we­naars poëzie: veel van zijn ge­dichten handelen over de taal en over het dich­ten zelf. Het tweede the­ma in Kou­we­naars poëzie is minder opval­lend, maar speelt daarin m.i. toch een bijzon­der funda­mentele rol. Het is - in Nietz­sches woorden - het besef van ‘de dood van God’.

Implicaties van Parsons' theorie van de esthetische ontwikkeling voor de kunstzinnige vorming

Jos de Mul. Implicaties van Parsons' theorie van de esthetische ontwikkeling voor de kunstzinnige vorming. In: P. van Engelen, A. Kramer en P. Quelle (red.), Op vleugels en krukken. Over de kwaliteit van de kunstzinnige vorming in het basisonderwijs, Enschede/Utrecht (Instituut voor Leerplanontwikkeling/Landelijk Ondersteuningsinstituut Kunstzinnige Vorming) 1991, 37-56.

Over het werk van Henck van Dijck

Jos de Mul. Sporen. Over het werk van Henck van Dijck. In: Henck van Dijck. Catalogus Gemeentemuseum Arnhem, Arnhem 1991, 7-16.

History and Pluralism. Plessner: a postmodernist avant la lettre?

Jos de Mul. History and Pluralism. Plessner: a postmodernist avant la lettre?. In: J. van Nispen en D. Tiemersma (eds.), The Quest for Man. The topicality of philosophical anthropology, Assen: Van Gorcum, 1991, 47-51.

Is there a future for anthropocentrism?

Jos de Mul. Is there a future for anthropocentrism?. In: J. van Nispen en D. Tiemersma (ed.), The Quest for Man. The topicality of philosophical anthropology, Assen (Van Gorcum) 1991, 187-191.

The Art of Forgetfulness. Schopenhauer and contemporary repetitive music

Jos de Mul. The Art of Forgetfulness. Schopenhauer and contemporary repetitive music. In: R. Woodfield (ed.) XIth International Congress in Aesthetics. Sixty-four selected papers, Nottingham 1990, 143-146.

 

Fenomenologie en hermeneutiek - Tussen modernisme en postmodernisme

Jos de Mul. Fenomenologie en hermeneutiek - Tussen modernisme en postmodernisme. In: Comenius. Wetenschappelijk tijdschrift voor democratisering van opvoeding, onderwijs, vorming en hulpverlening, nr. 37 (1990), 81-90.

Waarom esthetische opvoeding, waarom literatuuronderwijs?

Jos de Mul. Waarom esthetische opvoeding, waarom literatuuronderwijs? in: W.A.M. de Moor (ed.), Stiefkind en Bottleneck. De Toetsing in het literatuuronderwijs, Nijmegen (Uitgave Vakgroep Algemene Kunstwetenschappen) 1990, 47-56.

Wanneer men het thema toetsing ter sprake brengt, stuit men vroeg of laat op de vraag naar het waarom van het literatuuronderwijs. Als we deze waaromvraag stellen, vragen we om een rechtvaardiging van het literatuuronderwijs. We vragen in zo'n geval naar de redenen die ons ingeven om tijd en aandacht en dat betekent in onderwijspolitieke termen dus ook steeds geld, te besteden aan het literatuuronderwijs.

Met betrekking tot het literatuuronderwijs laten zich globaal twee typen rechtvaardiging on­derscheiden, die ik zou willen aanduiden als instrumentele en intrinsieke vormen van recht­vaardiging.

In het geval van een instrumentele rechtvaardiging wordt het literatuuronderwijs niet opge­vat als een doel op zich, maar als een instrument voor een verdergelegen doel. Bijvoor­beeld ten behoeve van de bevordering van de leesvaardigheid of, in geval het gaat om lite­ratuuronderwijs in een vreemde taal, ten behoeve van de bevordering van de beheersing van deze taal.

Indien we daarentegen spreken over een intrinsieke rechtvaardiging van het literatuuron­derwijs, hebben we het over de rechtvaardiging van het literatuuronderwijs als doel op zich. In dat geval zal de aandacht in de rechtvaardiging zich vooral richten op de esthetische dimensie van het literatuuronderwijs. De vraag naar de rechtvaardiging van het literatuuronderwijs wordt dan opgevat als een deel van de vraag naar de rechtvaardiging van de esthetische opvoeding.

In mijn bijdrage wil ik speciaal op deze laatste vorm van rechtvaardiging van het litera­tuuronderwijs ingaan: op de rechtvaardiging van het literatuuronderwijs als onderdeel van de esthetische opvoeding. Daarmee begeef ik mij, om ten minste twee redenen op glad ijs. In de eerste plaats vooronderstelt een rechtvaardiging van de esthetische opvoeding een heldere opvatting van wat esthetische opvoeding eigenlijk is. Als we ons echter naar de pe­dagogische literatuur wenden om ons hieromtrent nader te oriënteren, is deze helderheid ver te zoeken. Betty Redfem, een vooraanstaande auteur op het gebied van de esthetische op­voeding, vatte de stand van zaken in haar onlangs gepubliceerde inleiding in de esthetische opvoeding als volgt samen: 'Het is wellicht niet overdreven te stellen dat er noch in de op­voedkundige praktijk, noch in de opvoedkundige theorie meer verwarring bestaat dan over esthetische opvoeding. Een groot deel van wat hierover in de literatuur is te vinden, en dat geldt <K)k en niet in de laatste plaats voor officiële rapporten en onderzoeken, is vititj’, van misverstanden en ongerechtvaardigde vooronderstellingen doortrokken, en soms /.onder meer nonsens' (Redfern 1986, 1).

Zelfs indien we met betrekking tot de pedagogische literatuur over de esthetische opvoeding kans zien het kaf van het koren te scheiden, dan blijft de situatie bijzonder verwarrend. Wat na een moeizame schifting overblijft zijn een aantal, op zichzelf coherente en plausibele, maar onderling op veel punten tegenstrijdige theorieën.

Als we deze verschillende theorieeën over esthetische opvoeding nader beschouwen, blij­ken deze verschillen uiteindelijk voort te vloeien uit onderling zeer verschillende opvattin­gen van kunst en literatuur. En daarmee ben ik aanbeland bij de tweede reden voor mijn opmerking dat de esthetische rechtvaardigingsproblematiek mij dwingt glad ijs te betreden. Indien er namelijk geen overeenstemming bestaat over de tot het terrein van de kunstfiloso­fie behorende vraag wat literatuur nu eigenlijk is, dan ontberen we tevens een gemeen­schappelijke grondslag voor de rechtvaardiging van het literatuuronderwijs. In feite bestaan er evenzoveel grondslagen voor de rechtvaardiging van het literatuuronderwijs als er opvat­tingen over literatuur bestaan.

Ik zal deze these trachten te concretiseren door in te gaan op de vier meest verspreide opvattingen van wat literatuur is. Daarna zal ik betogen dat ieder van deze vier verschillende opvattingen bepaalde consequenties met zich meebrengt voor het literatuuronderwijs, als ook voor de rechtvaardiging ervan. Tenslotte zal ik, vanuit een ontwikkelingsfilosofisch perspectief, nader ingaan op de vraag hoe deze verschillende opvattingen zich tot elkaar verhouden en welke consequenties daaruit getrokken moeten worden voor de praktijk van het literatuuronderwijs en voor de rechtvaardiging van deze praktijk.

Wijsgerige antropologie na "de dood van de mens". Heidegger en de ecologische crisis

Jos de Mul. Wijsgerige antropologie na "de dood van de mens". Heidegger en de ecologische crisis. In: D. Tiemersma (red.),Filosofie, maatschappij en universiteit. Feestbundel voor Jan Sperna Weiland, Baarn: Ambo, 1990, 66-100.

Fotografie als metafysica

Jos de Mul. Fotografie als metafysica. In: O. van Alphen en H. Visser (red.), Een woord voor het beeld. Opstellen over fotografie, Amsterdam: SUA, 1989, 68-104.

Vrede en gelatenheid. Over Heidegger, postmodernisme en vredescultuur

Jos de Mul. Vrede en gelatenheid. Over Heidegger, postmodernisme en vredescultuur. In: J. van Weerden en Th. Bolleman (eds.), Postmodernisme en Vredescultuur, Utrecht: Uitgave Studium Generale, 1989, 15-50.

Diltheys narratieve model van de menselijke ontwikkeling en de filosofische hermeneutiek van Heidegger en Gadamer

Jos de Mul. Diltheys narratieve model van de menselijke ontwikkeling en de filosofische hermeneutiek van Heidegger en Gadamer. In: G. Vandenacker (et.al), Congresbundel Filosofendag Utrecht 1989, Delft: Eburon, 1990, 133-141.

Genetic structuralism and conceptual relativism

Jos de Mul. Genetic structuralism and conceptual relativism. In: Paul Weingartner & Gerhard Schurz, Berichte des 11. Internationalen Wittgenstein-Symposium, Wien (Hölder-Pichler-Tempsky), 1987, 31-34.

Esthetische ontwikkeling in genetisch-structuralistisch perspectief

Jos de Mul. Esthetische ontwikkeling in genetisch-structuralistisch perspectief. In: J.R.M. Gerris (red.) Pedagogisch onderzoek in ontwikkeling, Nijmegen: Uitgave Subfaculteit der Pedagogische Wetenschappen, 1986, 149-164.

Image without origin. On Nietzsche's transcendental metaphor

Jos de Mul. Image without origin. On Nietzsche's transcendental metaphor. In: P.J. McCormick (ed.) The reasons of Art/L'Art et ses Raisons, Ottawa: University of Ottawa Press, 273-286.

Ordening en illusie. Beeldende kunst en technologie

Jos de Mul. Ordening en illusie. Beeldende kunst en technologie. In: Beeldende kunst en technologie, Utrecht (Uitgave Studium Generale) 1982, 7-27.

Afterplay

Jos de Mul. Afterplay. In: V. Frissen, M. de Lange, J. de Mul, S. Lammes & J. Raessens (eds.) Playful identities. The Ludification of Digital Media Cultures. Amsterdam: Amsterdam University Press/ Chicago University Press, 2015, 337-45.

Foreword: From the Mediatic Turn to Gua-le-ni

Jos de Mul. Foreword: From the Mediatic Turn to Gua-le-ni. In: Stefano Gualeni. Virtual Worlds as Philosophical Tools. How to Philosophize With a Digital Hammer. London: Palgrave Macmillan 2015, x-xiii.

In the last couple of decades a new discipline, called ‘media philosophy’, has entered the philosophical arena. According to Reinhard Margreiter, one of its proponents, this name refers not only, and not even predominantly, to the exploration of yet another ontological domain, but rather designates a fundamental transformation  of  philosophy  itself,  which  is  characterized  by  a  turn towards (the descent and history of) the mediatic foundations of philosophy. In his view, media philosophy might become a contemporary ‘prima philosophia’ (Margreiter 2003, 151). However, Margreiter does not argue for a modernist kind of foundationalist superdiscipline, but rather for a critical discourse that has to accompany every act of knowing.

Though the name ‘media philosophy’ is a recent invention, the phenomenon is not altogether new. Already in Plato’s Phaedrus and Seventh Letter we find fundamental reflections on the impact of writing on philosophy, that is: on the type of oral philosophy that precedes written philosophy and which is still reflected in the dialogical form of Plato’s writings. However, in the tradition of Western philosophy, which is strongly connected with the book, this kind of reflection remains relatively scarce and marginal for a long time. Starting from Parmenides’ identification of being and thinking, a dominant part of the metaphysical tradition was based on the presupposition that thinking and being – nous and phusis – share the same form (eidos, morphé), guaranteeing the identity of what can be thought and what can be (cf. Allen 2004, 218).

A Cyberspace Odyssey. Oneindigheid voor beginners

 Jos de Mul. A Cyberspace Odyssey. Oneindigheid voor beginners. In: Jos de Mul. Cyberspace Odyssee. Kampen: Klement, 6de druk: 2010 [2002], 248-270.

De lijn is uitgestrekt in één richting, het vlak in  twee richtingen en vaste lichamen in drie richtingen; daarbuiten bestaat geen andere uitgestrektheid, want deze drie zijn alles.

Aristoteles

 

De vierde dimensie en de niet-euclidische geometrie behoren tot de belangrijkste unificerende thema’s van de moderne kunst en wetenschap.

Linda Henderson
 

 

1 Een odyssee door ruimte en tijd 2.0

Stanley Kubricks film 2001: A Space Odyssey wordt terecht beschouwd als een van de hoogtepunten uit de geschiedenis van de sciencefiction. De uit 1968 stammende film wordt niet alleen geroemd vanwege zijn grote artistieke kwaliteiten en zijn nog altijd verbazingwekkende (analoge) special effects, maar vooral ook vanwege de ideeënrijkdom die er uit spreekt.[1] Vooral Kubricks indringende visie op de evolutie van het leven en de rol van de techniek daarin heeft nog niets aan betekenis ingeboet.

Zoals alle grote kunstwerken kent deze film meerdere betekenislagen. Toen ik als middelbare scholier de film enkele jaren na de première voor het eerst zag, werd ik vooral gegrepen door het spannende verhaal over de reis van het ruimteschip Discovery naar Jupiter, op zoek naar buitenaards leven. Die reis wordt ondernomen nadat er op de maan een zwarte monoliet is ontdekt die radiosignalen richting Jupiter uitzendt. De bemanning bestaat naast de astronauten David Bowman en Frank Poole uit drie in hibernatie (kunstmatige winterslaap) verkerende experts en een kunstmatige intelligentie, de sprekende en zelflerende boordcomputer HAL.[2] HAL controleert alle functies van het ruimteschip en heeft de eindverantwoordelijkheid voor de gehele missie. Wanneer HAL Bowman en Poole de opdracht geeft het defecte onderdeel AE-35 van de centrale antenne van het ruimteschip te vervangen, ontdekken zij dat het onderdeel geen enkel mankement vertoont. Omdat zij in de veronderstelling verkeren dat HAL van slag is geraakt en misschien nog meer en mogelijk fatale fouten zal maken, besluiten ze zijn hogere functies uit te schakelen. Wanneer HAL daar achter komt, besluit hij de bemanning te elimineren. HAL slaagt erin vier van de vijf bemanningsleden te doden, maar Bowman ziet alsnog kans de boordcomputer uit te schakelen en de reis te vervolgen. Als de Dicovery Jupiter bereikt, vindt er een mysterieuze ontmoeting plaats tussen Bowman en de zwarte monoliet.

De door Kubrick verhaalde odyssee is, net als de Odyssee van Homeros waarnaar de titel van de film verwijst, meer dan het verslag van een avontuurlijke reis van enkele heldhaftige individuen door een onbekende wereld. De film toont enkele cruciale stappen in de odyssee die de mensheid voert door de onmetelijke tijd en ruimte. Het is, zoals ik in de Inleiding met verwijzing naar het programmaboekje bij de video-uitgave al opmerkte, “an epic tale of man’s ascent, from ape to space traveller and beyond” (Kubrick 1997). Hoewel het verhaal fictief is, sluit het nauw aan bij de natuurwetenschappelijke en technologische kennis van deze odyssee ten tijde van de productie van de film.

Page 4 of 4